De Vuurduivel

Geschreven door Joh. Ram
Met 20 zwart/wit tekeningen
Jeugd-Uitgave N.V. Drukkerij De Spaarnestad - Haarlem
Eerste druk jaren 30
Met goedkeuring van de Keurraad voor Roomse Jeugdlectuur

Korte inhoud:
Over het Damrak in Amsterdam rijdt een vuurrood vreemdsoortig voertuig, een soort touringcar. De politie te paard probeert tevergeefs het te laten stoppen, doch uit het merkwaardige voertuig komen twee metalen armen, die de politieagenten opzij duwen. Een wilde achtervolging volgt, doch de rode Vuurduivel is niet te stoppen.
Binnenin het voertuig bevindt zich Janus Bonk, een dikke boerenzoon uit Lummelestein, zijn oom en tante Brugsma, zijn twee neven Karel en Sjef en zijn nichtjes Bep en Jo. De Russische professor Nitchikof is de bestuurder. Meneer Brugsma is samen met de Russische professor de uitvinder van de Vuurduivel. Zij alleen kunnen het voertuig besturen. Janus Bonk is hun ingewijde en van de werking van de Vuurduivel op de hoogte.
De professor is op een geheime missie en wordt vanuit Rusland gevolgd door een groep mensen, die maar wat graag zijn plannen in handen zouden willen hebben. Om de Russen op een dwaalspoor te brengen, rijdt de Vuurduivel via 's Hertogenbosch naar Parijs, alwaar de professor een geheimzinnig bezoek brengt aan zijn vriend, de beroemde uitvinder Marconi. Ondertussen blijft de internationale politie de Vuurduivel achtervolgen en via de Alpen en Italië, duikt de Vuurduivel bij Rimini de zee in. Over de bodem der zee glijden ze nu naar Afrika. Daar aangekomen, ontmoeten ze professor Nitchikof weer, die hun met zijn kleine vliegtuigje achterna is gereisd. Hij vertelt hun nu het doel van zijn reis: In Rusland is een geheime Russische vereniging, die niets dan slechts voor de wereld wil en daarom op zoek is naar Het dal der diamanten, om hun plannen te bekostigen. Professor Nitchikof wil dit voorkomen, door het dal te vernietigen. De Russen zitten hem echter op de hielen, ze moeten haast maken.
Na moeilijkheden met Pygmeeën en Bosjesmannen, waarbij ze ternauwernood aan een brand ontkomen, vinden de mensen uit de Vuurduivel inderdaad Het dal der diamanten. Ieder mag nu voor thuis een diamant meenemen, voordat het dal vernietigd zal worden. Net op tijd gelukt hun dat, het dal vol diamanten wordt opgeblazen. Achtervolgd door de Russen, waarbij ze nog spannende avonturen meemaken, belanden ze uiteindelijk in Kaapstad, waar Janus Bonk en de familie Brugsma het vliegtuig naar huis, naar Lummelestein, nemen en professor Nitchikof met de Vuurduivel in zee verdwijnt. Hun missie is geslaagd!

Fragment uit het boek:
Even was er 'n stilte. Toen sprak meneer Brugsma:
"De Russen naderen!"
Weer volgde 'n stilte. Dat bericht had de professor niet verwacht.
"De Russen?" herhaalde hij. "De Russen? zijn ze ons op 't spoor? Weten ze waar we ons bevinden?"
"Dat kan ik je nog niet zeggen!" vertelde Janus' oom nu. "Ik heb de uitzendingen beluisterd. Er was maar één Europees station te horen. Een Russisch natuurlijk. Er werd op bizonder korte golf uitgezonden. Ik geloof vast en zeker, dat 't geschiedde vanuit 'n vliegmachine. Zij roepen onophoudelijk om professor Nitchikof! Er is geen twijfel mogelijk; ieder kwartier datzelfde bericht in de Nederlandse taal. Luister zelf maar..... 't Is weer zover.....
Inderdaad klonk op 't zelfde ogenblik zacht, maar duidelijk verstaanbaar, een vreemde stem uit de luidspreker:
"Professor Nitchikof! Wij volgen u! Wij naderen u snel! Wij wensen met u te onderhandelen; hebben uitgebreide volmachten! Wij zullen u veel aanbieden, maar kunnen u ook dwingen. Dat zullen we zeker doen, indien u weigert. Uw leven zullen wij niet sparen! Bedenk dat goed, professor Nitchikof. Wij eisen de ontbrekende schakel. Want ons behoort 't dal der diamanten! Professor Nitchikof! Geef antwoord!"
De angstaanjagende stem zweeg.
Meneer Brugsma verbrak de stilte, die volgde.
"Dat heb ik nu al vier maal gehoord. Onwillekeurig kom je ervan onder de indruk...."
"Dat is ook de bedoeling van de Russen!" sprak de professor kalm. "Als je die mensen kende, zoals ik, zou je begrijpen, dat 't niets anders zijn dan dreigementen. Als ze zeker van hun zaak waren, zouden ze niets van zich laten horen, zoals ze alles even geheim gedaan hebben.... Maar ze voelen dat ze te laat komen, ondanks alles. Ze weten, dat ze gaan verliezen. Daarom beginnen ze zo! Niet de moed laten zinken, Karel, nu we ons doel zo nabij zijn."
"Natuurlijk niet!" lachte meneer Brugsma, "we zullen de nodige voorbereidingen treffen.
"En ik ga naar de cabine!" besloot de professor. Doch voor hij echter door de opening naar z'n werkkamer verdween, richtte hij zich nog even naar Janus, die alles in de grootste verbazing had aangehoord.
"Jij bent 'n pracht-hulp, Janus! Ik heb me inderdaad niet in je vergist. Ik heb meer aan je te danken dan je zelf vermoedt. Ik hoop je daarvoor later nog eens te belonen, Janus! Nu m'n hartelijke dank voor je hulp op onze laatste tocht!"
Meteen stak de professor den jongen de hand toe. Janus drukte die verlegen. Op zoveel lof wist ie niet te antwoorden.